Voor de eerste keer suppen heeft u een breed en lang board nodig, goed opgepompt, en rustig, beschut water zonder veel wind. Het Watersportverbond adviseert volwassenen een board van minimaal 320 centimeter lang en 81 tot 86 centimeter breed. Begin geknield, sta op met de voeten aan weerszijden van het handvat en kijk naar de horizon, niet naar uw voeten. Draag een zwemvest van 50 of 100 newton, peddel eerst tegen de wind in en ga liever niet alleen. Een groot risico is niet het vallen, maar afdrijven door wind die van de kant af waait.
Een board dat u vergeeft
De meest gemaakte fout zit in het materiaal. Veel beginners stappen volgens het Watersportverbond het water op met een te kort of te smal board, omdat ze er een konden lenen of een goedkoop exemplaar kochten. Zo'n board is onstabiel, gaat moeilijk rechtuit en is niet vergevingsgezind als u nog met uw balans worstelt.
Voor de meeste volwassenen noemt het verbond een board van minimaal 10'6", ofwel 320 centimeter, en 32 tot 34 inch breed, 81 tot 86 centimeter. Dat geeft stabiliteit en controle. Smallere, snellere boards zijn voor later.
Bij een opblaasbaar board telt ook de druk. Een board dat niet hard genoeg is opgepompt, buigt door in het midden, ligt slap op het water en maakt staan lastiger. Pomp het dus tot de druk die de fabrikant opgeeft. Het Watersportverbond noemt te weinig druk als een van de vier redenen waarom beginners niet blijven staan, naast een verkeerd board, een verkeerde houding en te veel vertrouwen op de armen.
Staan, kijken, peddelen
Begin op uw knieën, zeker als het water onrustig is. Komt u overeind, zet dan de voeten aan weerszijden van het handvat in het midden van het board. Dat is meestal het zwaartepunt. Zet ze iets breder dan heupbreedte, tenen licht naar voren, knieën licht gebogen. Houd de schouders laag en kijk naar de horizon. Wie gespannen naar zijn voeten staart, gaat eerder om.
De peddel stelt u af met een eenvoudige proef van het Watersportverbond. Zet hem rechtop voor u neer en leg uw hand op uw hoofd, duim naar beneden. Raakt uw pink precies het handvat, dan is de lengte goed. De hand aan de kant waar u peddelt houdt de steel halverwege vast, de andere hand ligt boven op de T-greep.
Peddel niet alleen met uw armen. Houd ze grotendeels gestrekt en draai vanuit de romp. Steek het blad dicht bij het board verticaal in het water en haal het er ter hoogte van uw voeten weer uit. Verder doorhalen kost kracht en trekt u uit koers. Wissel regelmatig van kant, dan blijft u rechtuit varen.
Zwemvest, leash en telefoon
Draag een zwemvest. Voor suppen adviseert de KNRM een zwemvest met een drijfvermogen van 50 of 100 newton. Kies een kort model dat stevig kan worden aangesjord, met een gladde buitenkant waaraan u niet blijft haken, zodat uw armen vrij kunnen bewegen. Een zak in het vest is handig voor uw telefoon.
Een leash is een lijn tussen uw been en het board. Valt u, dan drijft het board niet van u weg, en heeft u iets om u aan vast te houden.
Neem een telefoon mee in een waterdichte hoes. Met de KNRM Helpt-app kunt u vooraf een tocht plannen, uw locatie delen met thuisblijvers en op het water met één knop hulp inroepen. Een Be Traceable-sticker van de KNRM met uw telefoonnummer op het board voorkomt een zoekactie als u het board kwijtraakt en zelf al veilig aan land bent.
Kleed u op de watertemperatuur, niet op de luchttemperatuur. In het voorjaar kan het water nog koud zijn terwijl de zon al warm voelt.
Wind: de valkuil die u niet voelt
Op een board staat u rechtop, en daarmee bent u zelf een zeil. Met de wind mee gaat het vanzelf; terug is een ander verhaal. Het Watersportverbond adviseert daarom altijd tegen de wind in te beginnen, zodat u op de terugweg de wind in de rug heeft. Let vooral op aflandige wind, die van de kant af waait. Vlak onder de oever merkt u daar weinig van, omdat de wal u uit de wind houdt. Verder op het water wordt het plotseling zwaar.
Hoe snel een board afdrijft, laat een melding van de KNRM uit augustus 2023 zien. Strandbezoekers bij het Stichtsestrand in Blaricum zagen een board met drie kinderen steeds verder afdrijven. De reddingboten waren snel ter plaatse; de kinderen waren inmiddels behoorlijk afgekoeld en konden op het reddingstation opwarmen.
Ook ervaren suppers kunnen alarm veroorzaken. In oktober 2017 vertrokken vijf suppers vanaf Edam het Markermeer op, bij windkracht 5. Toen het donker was, hun auto's er nog stonden en de wind was aangetrokken tot windkracht 7, waarschuwde een schipper de kustwacht. Reddingboten van zes stations en een helikopter gingen zoeken, tot de politie de groep bij hun auto's vond. Ze waren in goede conditie. De les: laat iemand weten waar u heen gaat en wanneer u terug bent.
Kijk voor vertrek dus naar de windrichting en de verwachte windkracht. Twijfelt u, blijf dan dicht bij de kant of ga een andere keer.
Rustig water, en de regels van de vaarweg
Begin op beschut water zonder stroming, golven of drukke scheepvaart. Het Watersportverbond noemt de Loosdrechtse Plassen, de Vinkeveense Plassen en de Rottemeren bij Rotterdam als plekken om te starten, en de kleinere stadswateren van Utrecht en Leiden. Volgens het verbond telt Nederland meer dan 1.300 suproutes.
Zodra u op een vaarweg komt, doet u mee aan het verkeer. De vaarregels gelden voor iedereen, van kano tot rijnschip. Houd rechts aan, stuurboordwal. Wie een betonde vaargeul oversteekt, moet voorrang verlenen aan schepen die daar varen. Houd ruim afstand van de beroepsvaart: een binnenvaartschip ziet u vanuit de stuurhut slecht en kan niet snel uitwijken. Suppen is ook niet overal toegestaan. Kijk vooraf wat er op een plek mag en let op borden bij de instapplaats. Over suppen in natuurgebieden lopen discussies: natuurorganisaties willen het soms beperken, het Watersportverbond ziet meer in gedragscodes en voorlichting. Hoe de voorrang op het water verder werkt, staat in veilig op het water.
Let in de zomer ook op de waterkwaliteit. Wie suppt, valt vroeg of laat in het water. Bij blauwalg of een negatief zwemadvies kunt u beter een andere plek kiezen; in droge, warme zomers komt dat vaker voor, zoals beschreven in droogte en verzilting.
Les nemen of zelf beginnen
Het kan zonder les, maar een introductie scheelt veel valpartijen. Supscholen, surfscholen en watersportverenigingen bieden eenmalige introducties, meerdaagse cursussen en privéles. Bij een vereniging kunt u bovendien verschillende boards uitproberen voordat u er zelf een koopt.
Sinds het seizoen 2026 valt suppen onder de diplomalijn van de Watersport Academy van het Watersportverbond, net als zeilen en windsurfen. Er is dus een erkend supdiploma, te halen bij erkende leslocaties. Wie daarna naar het zeilen wil overstappen, leest hoe dat werkt in zeilen leren.
